Magazine

Counselling - Coaching - StressManagement

Nadruk mag, als u de bron - http://www.counselling.nl - vermeldt
Inhoud Magazine.

Maslow in de 21ste eeuw
Ineke van Oers


Stel dat Maslow nu nog zou leven, en hij een lezing geeft over de hiërarchie van behoeften, hoe zou die lezing eruit zien? Ineke van Oers laat een virtuele Maslow aan het woord:


Is de piramide van behoeften, zoals ik die destijds heb opgesteld nog wel relevant? Hoe helpt communicatie om deze behoeften te bevredigen?

Mijn hele piramide wordt helemaal omvergeworpen door dezen of genen. Er zijn zelfs Amerikaanse lieden die maar tot vier menselijke behoeftes komen, n.l. autonomy, competence (knowledge, attitudes, skills), relatedness and self-esteem. Nu moet ik eerlijkheidshalve zeggen dat er toch wel een heleboel wetenschappers zijn die het wel bij het rechte eind hebben, maar onder ons gezegd en gezwegen, houd ik toch liever vast aan mijn eigen piramide. Het is gemakkelijk om dingen uit te leggen.

Ik ben niet meer van mening dat eerst aan de ene behoefte moet zijn voldaan om aan de andere toe te komen. Dit kan allemaal kriskras door elkaar gebeuren, daar ben ik nu achter gekomen.

Ik heb altijd een verschil gemaakt tussen basisbehoeften en meta- behoeften. Vervulling van de basisbehoeften geeft de mogelijkheid om je aan hogere waarden te wijden. Dit moet niet te zwart-wit bekeken worden. Ik bedoel, er zijn b.v. best mensen die zonder de basisbehoefte seks kunnen hebben. Er zijn ook proeven gedaan waaruit blijkt dat de behoefte aan liefde en genegenheid sterker is dan die naar voedsel. Ook kan het zijn dat iemand het stadium van zelf-actualisatie bereikt heeft, maar dat hij in hongerstaking gaat voor een goed doel, zo iemand zit dan toch best hoog op mijn laddertje. Grof gezien zou je kunnen stellen dat de basisbehoeften bestaan uit de fysiologische behoeften, veiligheid, sociale behoeften en zelfrespect. De meta- behoeften worden ook groeibehoeften of zelfverwerkelijkings behoeften genoemd.

Als de meest elementaire behoeften niet bevredigd worden, kan iemand neurotisch worden. Een compulsief-obsessieve neurose betekent bijvoorbeeld dat er op een overdreven manier geprobeerd wordt te ordenen en de wereld rondom je te stabiliseren en controleren, zodat er absoluut niks onverwachts meer kan gebeuren waar je geen raad mee weet.

Ik was de eerste die ook gezonde mensen ging bestuderen i.p.v. neurotische en gestoorde mensen, op deze manier krijg je een veel completer beeld van de mens.

Ik geloof nog steeds in het goede van de mens, hoewel ik in het onderzoeken naar het mysterie van het kwaad erachter gekomen ben dat er mensen zijn die behept zijn met het “Jonas-complex” (Jonas: onheilbrenger).

De belangrijkste gedachte van de humanistische psychologie is, dat als een mens volledig in het heden kan leven, dit het mooiste is dat een mens kan bereiken. We noemen onze stroming ook wel de “derde weg”. We geloven dat de mens vrij kan zijn en zijn verantwoordelijk kan nemen en bovendien zijn mogelijkheden als menselijk wezen kan realiseren. Een mens kan veranderen en we hechten veel waarde aan onze vrijheid.

De authentieke mens heeft een intens gevoel van echtheid, van in het hier en nu zijn, zonder rollenspel, onoprechtheid of psychologische spelletjes.

Eerlijkheidshalve moet ik er wel bij vertellen dat ik toch bang ben dat de meeste mensen middelmatig zullen blijven. Ik zou het wel zielsgraag anders zien.

Het in een bepaald sociaal systeem en cultuur gehanteerde pakket van verwachtingen oriënteert de persoon op bepaalde waarden en doeleinden. In de loop van het leven kan een bepaalde tendens onderontwikkeld blijven en een andere sterk gaan overheersen. Daarmee ontstaat een bepaalde persoonlijke levensstijl die het individu gaat kenmerken.

Het kleine kind lijkt zelfs de gevangene van het verlangen naar vitale bevrediging. De wereld is voor hem een handelingswerkelijkheid. Zij wordt getaxeerd louter en alleen in relatie tot de behoeften van het moment. Het heeft geen voorstelling van het verstrijken van de tijd en het heeft aanvankelijk geen waarborg dat zijn behoeften bevredigd zullen worden; daarom verlangt het dat ze onmiddellijk bevredigd zullen worden. Veel van de eerste opvoeding is er dan ook op gericht het kind te leren om behoeftebevrediging uit te stellen en om beperking te aanvaarden. (frustratietolerantie)

Als een of meerdere van de fundamentele behoeften duurzaam onbevredigd blijven, dan is verdere doorgroei afgesloten. Verder is er de innerlijke tegenstelling tussen de voldoening van het doorgroeien en de veiligheid van de stilstand. De fundamentele behoeften worden zwakker naarmate de plaats in de hiërarchie hoger is. Ze zijn zo zwak dat ze maar al te gemakkelijk onderdrukt kunnen blijven. De bevrediging van de hogere behoeften kan gemakkelijk gemist worden. Hoe hoger de behoefte in de hiërarchie staat, des te minder wordt het bestaan bedreigd door niet-bevrediging ervan. Het zijn typisch producten van overvloed, van een hoge levensstandaard, zowel materieel als immaterieel. Uit dit alles kan verklaard worden waarom velen niet toe zijn aan het dragen van verantwoordelijkheid. Dit aspect hoort namelijk thuis in de categorie van de behoefte aan erkenning.

De cultuur concretiseert en modelleert onze behoeften. Zo wordt het gedrag tot gewoonte en krijgt het levensverloop een vast ritme. Zo heeft een zuigeling niet zonder meer dorst, maar door zijn samenleving geconstateerde dorst. Dit komt omdat de cultuur slechts een bepaalde bevrediging ervan toelaat en stimuleert.


Fysiologische behoeften.
Hieronder wordt alles verstaan wat nodig is om te overleven: voedsel, water, zuurstof, seks, rust, warmte/ koelte, kleding en onderdak. Ieder mens heeft een minimum aan deze fysiologische behoeften nodig. Zij vormen de basisdrijfveren van het menselijk gedrag. Zij motiveren alleen in zoverre zij nog niet bevredigd zijn. Zijn zij bevredigd, dan controleren zij nog maar nauwelijks het menselijk gedrag. Als baby zorgen we dat we eten, drinken en aandacht krijgen door het op een huilen te zetten of heel lieflijk te glimlachen. Moeders kennen heel snel het verschil tussen een honger- of een ander huiltje. Als we genoeg gedronken hebben van ons flesje of moeders borst, zullen we met behulp van ons lichaam duidelijk maken dat we niks meer wensen. Mijn nichtje van 1 jaar spuugt haar eten uit als ze het niet lekker vindt. Later gaat een baby zekerheidsbehoeften vertonen. Naarmate we ouder worden, kunnen we ons beter uitdrukken met behulp van de taal, behalve in het buitenland dan, probeer in het Russisch maar eens duidelijk te maken dat er een haar in je soep zit, dit wordt dus weer handen en voetenwerk. Vanaf onze geboorte, en zelfs vanaf het moment van conceptie, hebben we voedsel, vocht en warmte, een goede gezondheid etc. nodig. Dit is fundamenteel om te overleven. Ik denk nu even aan de kansarme kinderen in de Derde Wereld landen. “Foster Parents” bijvoorbeeld zorgt ervoor dat, door hun acties, mensen op de hoogte gebracht worden van de schrijnende situaties elders, zodat we er met zijn allen iets aan kunnen doen.

Je lichaam heeft ook hormoonveranderingen/ -verhogingen nodig om te reageren op stimuli of sensorische deprivatie. Als een persoon extravert (in tegenstelling tot introvert) is heeft hij meer stimuli nodig om bevredigd te worden. Een kind gaat slapen als hij moe is, maar een volwassene die gedreven wordt door enthousiasme, gaat door tot het eind. In het geval van verslaafden zou je kunnen zeggen dat drugs ook de basisbehoeften vervullen. 

Deprivatie: ziektes zoals rachitis.
Pathologie: te veel eten en drinken en hamstergedrag.


Veiligheidsbehoeften.
Dit behelst de afwezigheid van dreiging en gevaar, zowel emotioneel als lichamelijk: orde, structuur, stabiliteit, voorspelbaarheid, zekerheid, behoefte aan bescherming, wetten en grenzen. Ieder mens heeft een fundamentele behoefte aan veiligheid en zekerheid zowel kinderen als ouderen. Hij wil weten waar hij aan toe is en wat hem te wachten staat. Hij heeft behoefte aan een geordende, overzichtelijke, voorspelbare situatie wat betreft de fysiologische behoeften, de sociale zekerheid, het gedrag van anderen etc. Daarom heeft hij behoefte aan een min of meer stabiele, steeds herkenbare groepsstructuur en tevens vaste orientatiepunten in het bestaan; dat hij kan vertrouwen op de achting van anderen, zijn psychische integriteit; tevens heeft hij behoefte aan een zingeving van het leven.

Hoe geringer de inspanning is die nodig is om het een en ander gerealiseerd te krijgen, des te kleiner zullen de behoeften worden die zijn gedrag motiveren. Het zekerheidsmotief is vaak onbewust. Sommigen zullen heel hun leven voornamelijk beheerst worden door veiligheidsdrijfveren. De gevaren waartegen zij zich pogen te beschermen zijn vaag, doordringend en vreselijk. Zij hebben daarom een allesoverheersende behoefte aan veiligheid. Zij voelen zich tot paternalistische organisaties aangetrokken. Dit kan op verschillende manieren ingeplant zijn:

  • Identificatie met op zekerheid en veiligheid gerichte volwassenen.
  • Door een al te beschermende en toegeeflijke opvoeding.
  • Door te vroeg verstoken zijn van veiligheid.

De mens moet wel leren bepaalde grenzen te accepteren en zijn individuele behoeften in overeenstemming te brengen met de reële mogelijkheden van bevrediging. Een beperking van de behoeftebevrediging brengt het ervaren van zekerheid niet in gevaar, maar verhoogt het en stelt het veilig. De psychische krachten om angst en onzekerheid te overmeesteren ontplooien zich het beste, wanneer de mens in ieder stadium van zijn ontwikkeling in voldoende mate de emotionele bevrediging ervaart die aan zijn leeftijd beantwoordt, en wanneer geen overmaat aan psychische prestatie van hem verlangd wordt. De mens heeft meerdere manieren om aan de angst te ontsnappen:

  • Rationalisatie: het omzetten van angst in rationele vrees.
  • Het ontkennen van de angst door deze buiten het bewustzijn te houden.
  • Verdoven van de angst door medicijnen, alcohol, zich in werk begraven.
  • Vermijden van angstwekkende situaties: men is niet in staat bepaalde dingen te doen om angst te vermijden die zou ontstaan indien de persoon dit trachtte te doen, te voelen etc.

De wereld om ons heen verandert in een snel tempo, er ontstaan dreigingen zoals nucleaire oorlogen, overbevolking, het wegvallen van traditionele sociale structuren, wijdverspreide oproeren, onveiligheid op straat, zinloos geweld, armoede, overstromingen, aardbevingen en besmettelijke ziektes. Bij kinderen kun je beter zien dat ze in hun veiligheid bedreigd worden, in tegenstelling tot bij volwassenen, die vaak niks van dat alles naar buiten laten komen. Een kind zal huilen, weglopen, gaan slaan of schoppen etc. Een volwassene zal dat vaak op subtielere manieren uiten. Een kind heeft behoefte aan routine en regelmaat. Het wil een voorspelbare en ordelijke wereld. Onrechtvaardigheid, oneerlijkheid en niet consistent zijn van de ouders, geeft het kind het gevoel van angst en onveiligheid. Als iemand zich zeker of veilig voelt, kan hij een zeker risico nemen, durft zich in het onbekende te wagen, totdat de zekerheid weer aan hem begint te trekken. Iedere keer komt zo iemand een stapje verder en verbreedt zo zijn gevoel voor veiligheid. De wereld wordt steeds onoverzichtelijker. Daardoor kun je het gevoel krijgen belangrijke zekerheden te verliezen. Ons geld op de bank geeft ons zekerheden, een zekerheid dat we de toekomst ook in welvaart (wat geld betreft) mogen beleven. We willen een vaste baan die ons zekerheid verschaft. We willen van alles verzekeren. Ook de politie draagt bij in onze zekerheid.

Ook zoekt men vaker naar het bekende dan het onbekende. Ook het zoeken naar b.v. een godsdienst of filosofie om iemand meer houvast te geven is een onderdeel van het zoeken naar veiligheid. Een godsdienst “kan” ons na onze dood een veilige, zekere plaats geven (?), zodat we de onzekerheid van deze wereld kunnen achterlaten (?) Ik denk dat er in landen die in oorlogen verwikkeld zijn weinig ruimte is om hogere behoeftes te ontwikkelen, maar ik denk dat sociale behoeften en vrijheidsbehoeften dan toch ook zeker wel een rol spelen.

Deprivatie: neurose, onzekerheid. (achterdochtige gevoelens)
Pathologie: agorafobie.


Sociale Behoeften.

De behoefte door anderen bemind te worden en anderen lief te hebben, het geven en nemen van liefde (je kan liefde niet met seks verwarren), de behoefte om ergens bij te horen, om je ervaringen te delen, om je te kunnen identificeren met belangrijke anderen, de behoefte aan aandacht. Kinderen vragen om aandacht, desnoods op agressieve wijze. In de pubertijd wil men vechten voor de meer actieve sociale behoeften. Mijn hond komt altijd naar me toe om op een heel aimabele manier mijn aandacht te vragen, maar tegelijk ook op een manier om mij te laten merken dat ik nog “besta”. Dit geeft een heel intens warm gevoel. Ze likt me om te bevestigen dat ik haar baasje ben. Ze is dan ook al gepromoveerd tot in bed bij mij en mijn vrouw. Ze krijgt vanzelfsprekend ook veel aandacht en knuffels terug, en veel spel.

Wanneer aan deze behoeften niet voldaan wordt kan iemand zich heel alleen, geïsoleerd, afgewezen en ver verwijderd van anderen, vrienden, collega´s, geliefde en familie voelen. Iemand kan zich onvriendelijk gaan gedragen, ontwortelingsgevoelens gaan vertonen en het kan anomie (onvermogen om het juiste woord te vinden) veroorzaken. De behoefte aan veiligheid is broodnodig. Veel hangt af van je vermogen om alleen te zijn. Iemand met een kleinere tolerantie hiervoor kan zich heel smachtend en verlangend opstellen om maar een warme relatie met zijn ouders of om een plekje in de groep of familie te bemachtigen.

Wat je ook wilt, of niet wilt, wat je ook doet, of niet doet, wat je ook zegt of niet zegt, hoe je ook kijkt of niet kijkt, wat je ook hoort of niet hoort, wat je ook voelt of niet voelt, alles is een vorm van communicatie.

Als de mens zich bij anderen niet thuis voelt, gaat hij zich eenzaam voelen, hetgeen een onlustverwekkende ervaring is. Het ontstaan van groepen is dan ook voor een belangrijk deel aan deze behoefte te danken. Je kunt twee “categorieën” mensen onderscheiden:

  • Met een meer passieve behoefte: de behoefte om erbij te mogen horen, om geliefd te zijn, door anderen geaccepteerd en aardig gevonden te worden.
  • Met een meer actieve behoefte: de behoefte om anderen te helpen, om zich in te zetten voor de gemeenschap, de behoefte om lief te hebben, de behoefte om met anderen om te gaan en om sociale situaties en relaties te zoeken.


Het menselijk contact kan constant of afwisselend zijn. In het eerste geval verkeert men met een aantal mensen die weinig wisselen in een vrij beperkte situatie, waarbij er sprake kan zijn van een geringe intensiteit van contact of juist van een intensieve vorm van communicatie. In het tweede geval, kan het wisselend contact sterk geformaliseerd zijn (loketbeambte) of juist de volheid van het menselijk leven betreffen. Meermalen is de behoefte aan veelvuldig wisselend contact bijna een levensnoodzaak; sommigen worden zelfs gedreven door een fanatieke contactdrang: men zoekt dan naar steeds nieuwe bevestigingen van de eigen existentie. Het wisselend contact kan ontaarden in een vluchtig contact. Dit wordt vooral geprefereerd door mensen die een meer persoonlijk contact niet kunnen verdragen, omdat dan hun defecten te duidelijk in het oog zouden kunnen springen. Al is deze behoefte aan sociaal contact een fundamentele drang, toch is dit streven niet bij iedereen even belangrijk. Bij een en dezelfde mens kan de graad van behoefte veranderen naargelang zijn gemoedstoestand, maar ook de sociale gerichtheid van een mens kan een drijfveer zijn. De behoefte aan sociaal contact is in hoge mate aanwezig bij het cyclothyme type van Kretschner en bij het extraverte type van C.C.Jung. Zij hebben een sterk ontwikkeld sociaal gevoel en een sterke drang naar gezelschap en gezelligheid, naar samenzijn met anderen. Daar tegenover staan de mensen waarbij deze drang tot een minimum gereduceerd is. Dit is het geval bij naturen die met de meeste van hun medemensen niets kunnen beginnen, hen niets te zeggen hebben, heel weinig van hen weten en niet gestoord willen worden. Zij blijven liever op zichzelf, sluiten zich moeilijk aan en leven grotendeels in alleenspraak met zichzelf (schizothyme type, introverte type, autisme)

Pathologie: antisociale, inadequate persoonlijkheid.


Ego-Behoeften - Zelfaffirmatie (Zelfbevestiging)
Behoefte aan zelfrespect en respect van anderen, erkennen van jezelf en door andere belangrijke mensen rond je heen, je vaardigheden, wat je bereikt hebt, je vaardigheid om adequaat te handelen. Je reputatie en waardering van anderen die je aandacht geven, je status toedichten, je erkenning en positieve waardering geven. Dit alles geeft je vertrouwen in de omgang met anderen. We kunnen ons dan belangrijk en waardevol voelen. Ons zelfvertrouwen wordt gevoed, we kunnen onze waardigheid en zelfbeeld bepalen. Als dit stadium is bereikt, kunnen we proberen om onze eigenwaarde uit onszelf te halen. Dit straalt ook weer uit naar anderen. Hoe kunnen anderen ons waarderen als we geen waardering voor onszelf uitstralen.

De zelfaffirmatie is gedeeltelijk een functie van het beeld van zichzelf. Deze ontstaat door introjectie van de ouderlijke liefde en bewondering. Heeft men deze niet gekend, dan komt men ertoe zichzelf te verwerpen en later een geringe achting voor zichzelf te hebben. Is er een intermitterende liefde, dan zal men leren die aspecten van zichzelf te presenteren die als het meest gunstige worden begroet. Iedereen streeft naar een zo hoog mogelijk zelfrespect, maar deze wens wordt beperkt door de realiteit. Is er een voortdurend gebrek aan bevestiging door anderen, dan wordt het gedrag ervaren als absurd en belachelijk of onderwaarderend met gevoelens van minderwaardigheid. Tevens wordt de totale zelfwaardering grotendeels beïnvloed door het ideaalbeeld dat men van zichzelf heeft. Het ergste wat een mens kan overkomen is dat hij door anderen genegeerd wordt. Dan ontstaat er een zucht naar erkenning. Deze uit zich in gedragingen die erop gericht zijn de eigen positie veilig te stellen door geld, bezit en machtige vrienden. Slaagt men hierdoor niet in zijn streven, dan komt men er gemakkelijk toe de waarde te depreciëren, die hij zichzelf niet kan geven. In gezagsverhoudingen zal hij zich manifesteren als eigenzinnig, halsstarrig, koppig, betweterig en eigenwijs.

Als aan deze behoeften niet voldaan wordt krijg je gevoelens van ondergewaardeerd zijn, van geminacht worden, van genegeerd worden, van vernederd worden, van minderwaardigheid en machteloosheid. Vaak de oorzaak van verschillende sociale problemen. Het zit in de kleine dingetjes van iedere dag. Deze alledaagse dingen zijn veel belangrijker dan b.v. beroemd zijn of aanbeden worden of egostreling door vleierij verkrijgen. Het respect moet verdiend zijn. Het willen krijgen van bewondering heeft ook te maken met de behoefte aan macht. (HELAAS)

Ik heb ooit onderzoek gedaan bij de Blackfood Indians in Canada. Rijkdom betekende hier dat men bewonderd, gerespecteerd en geliefd werd, iemand die de harten verwarmde van zijn medemensen. Dit werd niet bereikt door het vergaren van bezit, maar door het weg te geven. Dit bracht een Indiaan status, invloed en zekerheid in de stam. Dit is de reden dat deze Indianen veel sneller een gevoel van veiligheid hebben dan wij, Westerlingen. Hieruit blijkt dat rijkdom niets voorstelt als het niks betekent voor de huidige behoeften voor mensen die het nodig hebben. Rest me nog te vertellen dat ik diep geschokt was dat iemand, die jaren later ook onderzoek deed naar deze Indianen, me aan het eind van mijn vorige leven vertelde dat er bij hen nog maar bitter weinig over was van deze nobele waarden.

Pathologie: depressie


Vrijheidsbehoeften.
De mensen op onze wereld willen vrijheid en zelfbeschikking, meer dan in vroegere tijden. Het is belangrijk dat we leren hoe we verschillende gemeenschappen of machtige individuen, op een vredige manier hun eigen verhalen en identiteiten kunnen laten creëren, en dit alles in een gezamenlijke vrede.

Vrijheid door dingen als armoede, ziektes en dood, die niet nodig zijn, te bestrijden.
Vrijheid door vrijheid van meningsuiting.
Vrijheid is ook jezelf toestaan om emoties te voelen.

Hoe komen we tot een nieuwe balans tussen het “individuele” en het “ collectieve”. Vrijheid betekent verantwoordelijkheid in het samenleven op een betekenisvolle interactieve manier. Misschien is het toch geen ijdele hoop dat het leven in zo´n soort wereld kan leiden tot een vooruitgang in het bewustzijnsniveau van de mens, iets wat we nog nooit meegemaakt hebben. Vrijheid is mijns inziens afhankelijk van de mate van zelf-actualisatie van de mens.

Er ontstaan steeds meer groene politieke partijen, zorg voor de natuur op onze aarde, er zijn feministische stromingen en stromingen voor de rechten van homofielen, spirituele bewegingen, rechten voor de mens, vredesverdragen etc. Het is belangrijk dat we een balans vinden om in harmonie met elkaar te leven op basis van wederzijds respect. Bij de mensen die zich hebberig gedragen en de natuur zonder respect behandelen zouden we ons moeten afvragen waarom ze dat doen, waarom ze proberen te compenseren door overconsumptie.

Vrijheid zonder discipline leidt tot chaos, discipline zonder vrijheid breekt de spirit van de mens.

Vrijheid kan ook angst opleveren, waardoor soms terugverlangd wordt naar onvrijheid.

Moeten we meer of juist minder werken om gelukkig te worden? Moeten we het schijnbare succes van anderen ook navolgen? Missen we anders de boot? Innerlijke bevrijding betekent dat we gewenste, maar zeker ook ongewenste gevoelens een plaats moeten geven, het betekent dat we ons bewustzijn moeten ontwikkelen. Je bewust zijn van je invloed op je omgeving, de verantwoordelijkheid hiervoor nemen, eigenwaarde niet van anderen laten afhangen, stoppen met het beoordelen van anderen, je ego weten te relativeren en te vervangen door zelfontplooiing, je leven uit angst voor stilte en leegte niet vullen met zinloze activiteiten, leven in het hier en nu en geen slachtoffer zijn van het verleden, je vooroordelen kennen en weten waarom je die hebt, anderen de ruimte geven, een balans houden tussen betrokken zijn en afstand houden, opkomen voor onrecht en grenzen stellen, gevoel, verstand, waarneming en intuïtie gelijk waarderen, geluk en persoonlijke vooruitgang niet forceren, beseffen dat niemand meer rechten heeft dan de ander, je richten op onvoorwaardelijk geven i.p.v. nemen, zonder jezelf tekort te doen. Om goed om te kunnen gaan met de vrijheid van anderen is het belangrijk als mensen aanvoelen wanneer zij zichzelf moeten inhouden, n.l. daar waar de eigen vrijheid ophoudt en andermans vrijheid begint. Respect is gekoppeld aan betrokkenheid.

Bedrijven die gerund worden door mensen die op het grote geld uit zijn, zijn geen veilige basis om in te functioneren. Er is een te hoge werkdruk en het remt de mogelijkheid tot zelfontplooiing.

De trieste waarheid is echter dat bij het bereiken van de vrijheid vaak geen rekening gehouden wordt met de vrijheid van anderen (oorlogen, ruzies tussen geliefden, vrienden of buren, manipuleren en /of chanteren van mensen)


Groei- en ontwikkelingsbehoeften.

Deze behoefte houdt in: cognitieve behoeften, de behoefte aan kennis, het willen ontdekken en begrijpen, cursussen volgen, nieuwe culturen leren kennen, je zicht verruimen, ontwikkelen van je karakter. Kennis is een vereiste om tot zelf-actualisatie te komen, maar het is ook nodig dat iemand zijn gevoelens naar de buitenwereld kan tonen. Wanneer de menselijke natuur niet onderdrukt wordt, krijgen groei en geluk vanzelf een kans. Als de mens iets wil bereiken, een doel voor ogen heeft, functioneert hij het best. Op inventieve manier organiseert hij al zijn krachten om zijn doel te bereiken, en daarna weer nieuwe doelen en uitdagingen verzinnen, dit geeft meer zin aan en in het leven.

Groeien doe je wanneer je gestimuleerd wordt en de juiste “stof” in de juiste hoeveelheid tot je neemt. Net als bij planten leidt “overbemesting” tot verlies aan vitaliteit en word je gevoeliger voor stress. Innerlijke bevrijding kan je gelukkig maken. Je moet het zelf doen, vaak door juist iets te LATEN.

Er zijn een aantal redenen dat je groei kan blokkeren: het gebruik van drugs en alcohol (kunstmatig geluk oproepen), te weinig tijd voor elkaar als mens, te veel bezig zijn met louter materiele dingen (carrière, bezit, geld), te veel competitie (elkaar tegenwerken) i.p.v. samenwerking. Als je bepaalde talenten of capaciteiten hebt, werken die ook als een enorme motivatie. Iemand die niet doet waar hij voor “geboren” is zal zich rusteloos, gespannen, prikkelbaar voelen en ook het gevoel hebben dat hij iets mist in zijn leven. Bij het ontbreken van lagere behoeften zal iemand ook wel die symptomen hebben, maar het is in dit geval veel gemakkelijker om de oorzaak hiervan te vinden.

Spirituele en intuïtieve vaardigheden: De mens is een afspiegeling van de gehele werkelijkheid, en niet enkel een los te snijden zelfstandige eenheid. Er wordt een vollediger mensbeeld gehanteerd, waarin het spirituele meer centraal staat. Veel mensen zoeken spirituele ervaringen in de natuur. Het is belangrijk om naar je eigen lichaam / stem te luisteren, ontdekken wat je echt wilt, weten wat je beperkingen zijn, dit om bijvoorbeeld het juiste beroep en de juiste partner te kunnen kiezen. Het bewustzijn ziet in elke fase verschil tussen “zichzelf” en” het andere”, het verbindt zich daarna met “het andere “ en “wordt” daardoor een hogere eenheid. De eerste levenshelft is vooral gericht op de buitenwereld en objectieve waarden als prestatie, succes en rijkdom. Daarna kun je een fase krijgen die meer gericht is op innerlijk en subjectieve waarden als geluk, innerlijke rust en bezieling. Een wereldberoemd natuurkundige die gericht was op het ontwikkelen van kernenergie, zou kunnen zeggen dat hij radicaal met het verleden wil breken vanwege zijn liefde voor de natuur.


Esthetische Behoeften
Symmetrie, orde en schoonheid. Het esthetische genoegen is geen doel voor iets anders, maar wordt alleen genoten omwille van zichzelf.


Zelfactualisatie Behoeften / Zelfontplooiing.
De behoefte om je vermogens te verwezenlijken, in dit stadium aangekomen gaan mensen hun capaciteiten, vaardigheden en talenten die ze in zich hebben ten volle ontplooien. De kans op een gelukkig leven (met piek- ervaringen) is groot. Deze zelfgeactualiseerde mensen onderscheiden zich van anderen doordat het gedrag van de laatste groep nog steeds grotendeels bepaald wordt door de behoefte aan zekerheid, sociaal contact en erkenning.

Kenmerken van een zelfgeactualiseerd mens:

  • Een realistische houding tegenover de wereld. Maakt zichzelf niks wijs over de wereld en de mensen, ziet alles zoals het is. Hij reageert niet defensief hierover. Problemen lost hij op realistische wijze op, niet op basis van hoe hij zou willen dat de dingen zijn. Hij kan keuzes maken, ook tussen twee goede alternatieven. Hij kan de omringende werkelijkheid op een meer efficiënte manier waarnemen. De wijze waarop de ander wordt gezien, is niet gekleurd door een afhankelijkheidsrelatie. Zij weten een ander te waarderen om zijn eigen, voor hem kenmerkende eigenschappen en zien daarbij voorbij aan vaak bedrieglijke doch door ons zo vaak als essentieel beschouwde gegevenheden zoals rijkdom, machtspositie, titels enz.
  • Het vermogen zichzelf, anderen en de natuur te accepteren. Hij heeft een positief zelfbeeld en gelooft dat hij iets kan betekenen. Omdat hij zichzelf aanvaardt, kan hij ook de natuur en andere mensen accepteren.
  • Diepgaande persoonlijke relaties. Hij heeft de tendens om nauwe relaties met anderen aan te gaan. Werkelijke intieme banden heeft hij gewoonlijk slechts met een relatief klein aantal mensen.
  • Een levendige ervaringswereld. Hij geniet, en waardeert het feit, dat hij leeft. Elke zonsondergang is even mooi als de eerste, de duizendste baby die hij ziet, is even wonderbaarlijk als de eerste die hij ooit gezien heeft. Het leven is een waardevol iets als je maar het positieve ervan inziet.
  • Autonomie, onafhankelijkheid van cultuur en omgeving. Door zijn stabiele positieve zelfbeeld, kan hij zelf bepalen wat goed en slecht is en wat er gedaan moet worden. Hij stijgt boven zijn eigen cultuur uit en leert van andere culturen, zodat hij met recht een wereldburger genoemd kan worden.
  • Creativiteit. Hij is creatief en kan problemen op creatieve wijze oplossen. Creativiteit is een houding van openstaan voor alledaagse ervaringen, vrij van stereotypen en verwachtingen en het kunnen verdragen van chaos, onzekerheid en tegenspraken (taoïsme). Hij heeft geen problemen met situaties die anderen in morele tweestrijd brengen, bij hem is een synthese tot stand gekomen tussen plicht en genoegen, werk en spel, hij is sociaal geïnvolveerd én individualistisch. Hij klampt zich niet vast aan regels en gewoontehandelingen, die het doel, dat zij dienen, hebben vervangen. Hij is spontaan, simpel en natuurlijk.
  • Democratische instelling. Hij houdt altijd rekening met en heeft altijd respect voor de rechten van anderen en is bereid om naar anderen te luisteren. Hij respecteert het recht van anderen om anders te zijn. Hij kan van iedereen die hem iets te leren heeft, leren, ongeacht de andere eigenschappen die deze persoon bezit. Hij komt dus niet autoritair over. Autoritair gedrag is de ergste ziekte van deze tijd, veel erger nog dan welke ziekte dan ook. Iedereen heeft een soort van voorbeeld waardesysteem nodig, waar hij zich aan kan vasthouden. Als dit er niet is, is het gevaar van autoritaire personen niet denkbeeldig. (Saddam Hoessein)


Ze zijn meer probleemgericht dan zelfgericht; ze identificeren zich met de mensheid; ze halen doel en middelen niet door elkaar; hun gevoel voor humor is filosofisch, niet vijandig; ze maken zich los van hun omgeving en bieden de buitenwereld dus niet alleen het hoofd. Ze hebben zgn. piek ervaringen (ervaringen van intens geluk en extase, waarin ze zich één voelen met de wereld (synergie), menen het geheim van het leven te doorgronden en werkelijk inzicht te hebben) Ze kennen een buitengewoon verantwoordelijkheidsgevoel, integriteit, authenticiteit (identiteit), empathie, objectiviteit en autonomie van denken en handelen. Tevens hebben ze een sterke innerlijke drang naar het bereiken van zelfperfectie. Ze zijn heel erg begaan met veel dingen, ze houden zich bezig met dingen die niet alleen henzelf aangaan, je zou het haast een roeping kunnen noemen.

Pathologie: verveeldheid, cynisme, vervreemding.


Transcendente Behoeften.
Andere mensen helpen om een zelfvoldaan gevoel te krijgen en hun mogelijkheden leren te realiseren op het gebied van karakterontwikkeling en allerlei andere vaardigheden. Dit zijn de wijze mensen op deze aarde dus. Zij “hebben” relaties met het nooit te leren kennen onbekende. De fase van contact met de “subtiele” werelden. Het bewustzijn overstijgt de beperkingen van het conceptuele denken, de zintuigen en het lichaam. Deze fasen komen we in alle grote godsdiensten en mystiek tegen. Het individu leert te starre beelden en ideeën over zichzelf en de wereld af. Het moeilijke van deze fase is dat er niks meer te bewijzen is.